# Stress

Source: https://synapse-lifestyle.com/nl/reference-guide/stress

## Stressniveau

Chronische stress gaat samen met versterkte ontstekingsprocessen, een versneld verouderingsproces en een ontregeling van metabolisme en immuunsysteem, en is zo een belangrijke factor in het ontstaan van cardiometabole en neurodegeneratieve aandoeningen[1, 2, 3, 4, 5, 6]. Synapse hanteert daarom een biopsychosociaal model[7, 8], waarin zowel fysiologische stressreacties als het subjectief ervaren welzijn en de sociale verbondenheid meetellen, verdeeld over drie onderdelen: stressniveau, eenzaamheid en welzijn.

Stress aanpakken verbetert aantoonbaar hoe iemand zich voelt en functioneert. Of het ook hartinfarcten voorkomt, is niet aangetoond.

#### Richtlijnen

Stress objectief vaststellen is niet eenvoudig. De verkorte Perceived Stress Scale (PSS-4) is snel toepasbaar[9, 10, 11], maar psychometrisch de zwakste van de PSS-varianten[12]. Voor angst bestaat een klinisch gevalideerde indeling van de GAD-7[13]:

| GAD-7 (0-21) | Klinische indeling |
| --- | --- |
| 0 tot 4 | Geen of minimale angst |
| 5 tot 9 | Milde angst |
| 10 tot 14 | Matige angst |
| ≥ 15 | Ernstige angst |

#### Hoe Synapse dit beoordeelt

Synapse meet zowel angst (GAD-7) als ervaren stress (PSS-4) en brengt beide signalen samen in de stressscore. De zones sluiten aan op de klinische GAD-7-indeling. De keuze voor de korte PSS-4 naast de GAD-7, in plaats van de langere PSS-10, is een interne afweging tussen volledigheid en invullast. De volledige stressvragen volgen pas na een positieve korte screening; bij een negatieve screening geldt het stressniveau als goed.

| Onderdeel | Referentie |
| --- | --- |
| Overprikkeling (GAD-7) | ≤ 4 |
| Stress (PSS-4) | ≤ 2 |

## Eenzaamheid

Eenzaamheid is een belangrijk gezondheidsrisico en gaat samen met een verminderde levenskwaliteit, een hogere sterfte en een groter risico op cardiovasculaire, metabole en neurologische aandoeningen[14, 15]. Verbondenheid versterken verbetert aantoonbaar hoe iemand zich voelt; of het ook hartinfarcten voorkomt, is niet aangetoond.

#### Richtlijnen

Er bestaat geen numerieke richtlijn voor eenzaamheid. De De Jong Gierveld-schaal is een internationaal gevalideerd instrument met een emotionele en een sociale subschaal[16].

#### Hoe Synapse dit beoordeelt

Synapse gebruikt de drie vragen naar sociale eenzaamheid uit de De Jong Gierveld-schaal: kunnen terugvallen op mensen, mensen vertrouwen en zich verbonden voelen[16]. Dat meet het sociale facet (het netwerk), niet de emotionele eenzaamheid. De antwoorden vormen samen een score van 0 tot 6: hoe hoger, hoe eenzamer. De zone-indeling op die score is een eigen indeling van Synapse. Bij de afzonderlijke rijen toont Synapse geen referentiewaarde.

## Welzijn

Fysieke gezondheid en subjectief welzijn beïnvloeden elkaar: een verminderd welzijn gaat samen met een verhoogd risico op cardiometabole, psychische, immunologische en neurodegeneratieve aandoeningen, terwijl een hoog welzijn gunstig lijkt voor de overlevingskansen[17]. Werken aan welzijn verbetert aantoonbaar hoe iemand zich voelt; of het ook ziekte voorkomt, is niet aangetoond.

#### Richtlijnen

De WHO-5 is een kort en toegankelijk instrument dat zich goed leent voor algemene welzijnsscreening, met weinig overlap met andere meetinstrumenten. Een score van 50 of lager op 100 wijst op een verlaagd welzijn, 28 of lager op een mogelijke depressie[18].

#### Hoe Synapse dit beoordeelt

Synapse gebruikt de WHO-5. Elk van de drie gestelde WHO-5-vragen (blij, energiek, geïnteresseerd) en van de twee vragen van de angstscreening (GAD-2) krijgt 0 tot 5 punten, meer naarmate het antwoord ongunstiger is. Halen ze samen 4 punten of meer (op 25), dan stelt de vragenlijst de vervolgvragen: de PHQ-depressiescreening met een suïcidaliteitsprotocol, eenzaamheid en een niet-gevalideerd burn-outsignaal. De GAD-7 volgt zodra de twee angstvragen alleen al samen 4 punten halen. Vervolgvragen tellen mee in de scores precies wanneer ze gesteld zijn, en nooit anders. De subdomeinscore volgt deze zones:

| WHO-5 (0-100, hoger is beter) | Beoordeling |
| --- | --- |
| > 72 | Optimaal |
| 50 tot 72 | Aanvaardbaar |
| 30 tot 50 | Aandacht |
| < 30 | Prioriteit |

| Onderdeel | Referentie |
| --- | --- |
| WHO-5 vragenlijst | ≥ 50 / 100 |

Ontwikkeld en getoetst met de [medische adviesraad](https://synapse-lifestyle.com/nl/advisory-board) van Synapse.

## Referenties

1. Parker, H. W. et al. Allostatic load and mortality: a systematic review and meta-analysis. Am J Prev Med 63, 131–140 (2022). https://doi.org/10.1016/j.amepre.2022.02.003
2. Yegorov, Y. E. et al. The link between chronic stress and accelerated aging. Biomedicines 8, 198 (2020). https://doi.org/10.3390/biomedicines8070198
3. Kivimäki, M. et al. The multiple roles of life stress in metabolic disorders. Nat Rev Endocrinol 19, 10–27 (2023). https://doi.org/10.1038/s41574-022-00746-8
4. Alotiby, A. Immunology of stress: a review article. J Clin Med 13, 6394 (2024). https://doi.org/10.3390/jcm13216394
5. Vaccarino, V. et al. Stress and cardiovascular disease: an update. Nat Rev Cardiol 21, 603–616 (2024). https://doi.org/10.1038/s41569-024-01024-y
6. Knezevic, E. et al. The role of cortisol in chronic stress, neurodegenerative diseases, and psychological disorders. Cells 12, 2726 (2023). https://doi.org/10.3390/cells12232726
7. Engel, G. L. The need for a new medical model: a challenge for biomedicine. Science 196, 129–136 (1977). https://doi.org/10.1126/science.847460
8. Rith-Najarian, L. R. et al. The biopsychosocial model of stress in adolescence: self-awareness of performance versus stress reactivity. Stress 17, 193–203 (2014). https://doi.org/10.3109/10253890.2014.891102
9. Vallejo, M. A. et al. Determining factors for stress perception assessed with the Perceived Stress Scale (PSS-4) in Spanish and other European samples. Front Psychol 9, 37 (2018). https://doi.org/10.3389/fpsyg.2018.00037
10. Cook, R. M. et al. A longitudinal examination of the psychometric properties of the English Perceived Stress Scale-4 in mental health counsellors using item response theory. Stress Health 40, e3468 (2024). https://doi.org/10.1002/smi.3468
11. Cohen, S. et al. A global measure of perceived stress. J Health Soc Behav 24, 385–396 (1983). https://doi.org/10.2307/2136404
12. Lee, E. H. Review of the psychometric evidence of the Perceived Stress Scale. Asian Nurs Res (Korean Soc Nurs Sci) 6, 121–127 (2012). https://doi.org/10.1016/j.anr.2012.08.004
13. Plummer, F. et al. Screening for anxiety disorders with the GAD-7 and GAD-2: a systematic review and diagnostic metaanalysis. Gen Hosp Psychiatry 39, 24–31 (2016). https://doi.org/10.1016/j.genhosppsych.2015.11.005
14. Holt-Lunstad, J. et al. Loneliness and social isolation as risk factors for mortality: a meta-analytic review. Perspect Psychol Sci 10, 227–237 (2015). https://doi.org/10.1177/1745691614568352
15. Hawkley, L. C. Loneliness and health. Nat Rev Dis Primers 8, 22 (2022). https://doi.org/10.1038/s41572-022-00355-9
16. De Jong Gierveld, J. et al. The De Jong Gierveld short scales for emotional and social loneliness: tested on data from 7 countries in the UN generations and gender surveys. Eur J Ageing 7, 121–130 (2010). https://doi.org/10.1007/s10433-010-0144-6
17. Steptoe, A. et al. Subjective wellbeing, health, and ageing. Lancet 385, 640–648 (2015). https://doi.org/10.1016/S0140-6736(13)61489-0
18. Topp, C. W. et al. The WHO-5 Well-Being Index: a systematic review of the literature. Psychother Psychosom 84, 167–176 (2015). https://doi.org/10.1159/000376585
